Definitie / Uitleg
Third conditional wordt gebruikt voor een onwerkelijke situatie in het verleden en het voorgestelde resultaat ervan. Het beschrijft wat er anders zou zijn gebeurd als het verleden anders was geweest, maar de echte gebeurtenis kan nu niet meer worden veranderd. Deze vorm is gebruikelijk voor spijt, kritiek, uitleg en reflectie. Hij laat sprekers de werkelijkheid vergelijken met een alternatief verleden. Omdat beide delen naar het verleden verwijzen, klinkt deze structuur vaak complexer dan first of second conditional.
Belangrijkste regels
- Vorm: if + had + past participle, would have + past participle.
- Verwijst naar een onwerkelijke voorwaarde in het verleden en een onwerkelijk resultaat in het verleden.
- De volgorde van de clauses kan veranderen, maar de betekenis blijft gelijk.
- Andere modalvormen zijn mogelijk in het resultaat: could have, might have.
- Gebruik in standaard Engels geen would have in de if-clause.
Voorbeelden
- If I had studied, I would have passed. - Als ik had gestudeerd, was ik geslaagd.
- She would have come if she had known. - Ze was gekomen als ze het had geweten.
- If they had left earlier, they could have caught the train. - Als ze eerder waren vertrokken, hadden ze de trein kunnen halen.
- We might have won if we had played better. - We hadden misschien gewonnen als we beter hadden gespeeld.
- If you had called me, I would have helped. - Als je me had gebeld, had ik geholpen.
Veelgemaakte fouten
- ❌ If I would have studied, I would have passed. -> ✅ If I had studied, I would have passed.
- ❌ She would have come if she would have known. -> ✅ She would have come if she had known.
- ❌ If they had left earlier, they would caught the train. -> ✅ If they had left earlier, they would have caught the train.