Definitie / Uitleg
Comparatives helpen ons twee personen, dingen of plaatsen te vergelijken. We gebruiken vaak -er met korte adjectives en more met langere adjectives. Zo kunnen we zeggen dat iets meer van een eigenschap heeft, zoals bigger, cheaper of more comfortable. Comparatives zijn heel nuttig in dagelijkse spraak wanneer we kiezen, beschrijven of eenvoudige meningen geven.
Belangrijkste regels
- Gebruik -er met veel korte adjectives: small -> smaller, cheap -> cheaper.
- Gebruik more met veel langere adjectives: more comfortable, more interesting.
- Gebruik than om het tweede deel van de vergelijking te tonen: My bag is bigger than yours.
- Sommige adjectives hebben spellingveranderingen: big -> bigger, happy -> happier.
- Gebruik comparatives om twee dingen te vergelijken, niet een ding op zichzelf.
Voorbeelden
- This bag is cheaper than that one. - Deze tas is goedkoper dan die.
- My room is bigger than yours. - Mijn kamer is groter dan die van jou.
- She is younger than her brother. - Zij is jonger dan haar broer.
- This chair is more comfortable. - Deze stoel is comfortabeler.
- Today is hotter than yesterday. - Vandaag is het warmer dan gisteren.
Veelgemaakte fouten
- ❌ This is cheap than that. -> ✅ This is cheaper than that.
- ❌ My room is more big. -> ✅ My room is bigger.
- ❌ She is younger that me. -> ✅ She is younger than me.
Tips
- Simpele gids: kort adjective -> vaak -er; langer adjective -> vaak more.