A1

Beginnersniveau (A1)

Kernzinstypen, basiswerkwoordsvormen, lidwoorden en voornaamwoorden.

0 van 32 onderwerpen voltooid0%
0/32bestudeerd

Onderwerpen

32 onderwerpen
  1. 1
    Basiswoordvolgorde (SVO)
  2. 2
    Present Simple to be: am/is/are
  3. 3
    Ontkenningen met be (+ contracties)
  4. 4
    Vragen met be
  5. 5
    There is / There are (bevestigend)
  6. 6
    There isn’t/aren’t + vragen
  7. 7
    Lidwoord a/an (introductie)
  8. 8
    Lidwoord the (introductie)
  9. 9
    Meervouden: -s/-es
  10. 10
    Veelvoorkomende onregelmatige meervouden
  11. 11
    Onderwerpsvoornaamwoorden
  12. 12
    Bezittelijke bijvoeglijke naamwoorden
  13. 13
    Aanwijzende woorden: this/that/these/those
  14. 14
    Present Simple (bevestigend)
  15. 15
    -s in de 3e persoon (schrijfwijze)
  16. 16
    Ontkenningen: don’t/doesn’t
  17. 17
    Vragen: Do/Does…?
  18. 18
    Wh‑vragen (what/where/when/who/how)
  19. 19
    Gebiedende wijs
  20. 20
    Can: vermogen
  21. 21
    Have got: bezit
  22. 22
    Telbaar/niet-telbaar + some/any
  23. 23
    Bezittelijk ’s (introductie)
  24. 24
    Voorzetsels van plaats: in/on/at
  25. 25
    Voorzetsels van tijd: at/in/on
  26. 26
    Bijwoorden van frequentie (positie)
  27. 27
    Past Simple: be (was/were)
  28. 28
    Past Simple: regelmatige vormen op -ed (bevestigend)
  29. 29
    Past Simple: did (vragen/ontkenningen)
  30. 30
    Vergrotende trap (introductie)
  31. 31
    Overtreffende trap (introductie)
  32. 32
    Mini-interpunctie: hoofdletter, punt, “?”
Beginnersniveau (A1) | English Grammar Checklist