A1

Vragen: Do/Does…?

Definitie / Uitleg

De meeste Present Simple-vragen hebben do of does aan het begin nodig. We gebruiken do met I, you, we, they en does met he, she, it. Daarna blijft het hoofdwerkwoord in de base-vorm. Dit patroon wordt gebruikt voor veel alledaagse vragen over voorkeuren, routines, werk en gewoonten.

Belangrijkste regels

  • Gebruik Do met I, you, we, they.
  • Gebruik Does met he, she, it.
  • Gebruik na do/does de base-vorm: Do you like...? Does she work...?
  • Voeg geen -s toe aan het hoofdwerkwoord na does.
  • Korte antwoorden zijn gebruikelijk: Yes, I do. / No, he doesn't.

Voorbeelden

  • Do you live near here? - Woon je hier in de buurt?
  • Do they play football? - Spelen zij voetbal?
  • Does she speak English? - Spreekt zij Engels?
  • Does your brother work on Sundays? - Werkt je broer op zondag?
  • Do we need more milk? - Hebben we meer melk nodig?

Veelgemaakte fouten

  • ❌ Does she likes music? -> ✅ Does she like music?
  • You do like tea? -> ✅ Do you like tea?
  • Do he work here? -> ✅ Does he work here?

Volg je voortgang