Definitie / Uitleg
Past Simple passive wordt gebruikt wanneer iets in het verleden werd gedaan en de uitvoerder onbekend, onbelangrijk of niet in focus is. De vorm is was/were + past participle. Deze structuur komt vaak voor in nieuwsberichten, feitelijke teksten en beschrijvingen van gebeurtenissen uit het verleden waarin het resultaat belangrijker is dan de verantwoordelijke persoon. Hij verschijnt vaak met duidelijke tijdsmarkeerders zoals yesterday, last year of in 2023. Zo kan de spreker focussen op wat er gebeurde, niet op wie het deed.
Belangrijkste regels
- Vorm: was/were + past participle.
- Gebruik was bij enkelvoud en were bij meervoud.
- Gebruik het om te focussen op wat er gebeurde, niet op wie het deed.
- Voeg by + person alleen toe als de uitvoerder belangrijk is.
- Komt vaak voor met duidelijke verleden tijdsmarkeerders.
Voorbeelden
- The window was broken during the storm. - Het raam werd tijdens de storm gebroken.
- The email was sent yesterday. - De e-mail werd gisteren verstuurd.
- Two new offices were opened last year. - Er werden vorig jaar twee nieuwe kantoren geopend.
- The problem was solved in an hour. - Het probleem werd in een uur opgelost.
- Their names were not included on the list. - Hun namen stonden niet op de lijst.
Veelgemaakte fouten
- ❌ The email was send yesterday. -> ✅ The email was sent yesterday.
- ❌ Two new offices was opened last year. -> ✅ Two new offices were opened last year.
- ❌ The problem solved quickly. -> ✅ The problem was solved quickly.